Naar de hoofdinhoud

E1 – Klimaatgerelateerde scenarioanalyse

Deze week bijgewerkt

AR 13. Bij het verstrekken van de informatie die vereist is volgens de paragrafen 19, 20 en 21 en de secties AR 10 en AR 11, legt de onderneming uit hoe zij een op haar omstandigheden afgestemde klimaatgerelateerde scenarioanalyse heeft gebruikt voor het identificeren en beoordelen van fysieke risico's, transitierisico's en kansen op korte, middellange en lange termijn.

ESRS-norm

18. De onderneming moet voor elk door haar geïdentificeerd materieel klimaatgerelateerd risico toelichten of het risico een klimaatgerelateerd fysiek risico of een klimaatgerelateerd overgangsrisico is.

19. De onderneming beschrijft de veerkracht van haar strategie en bedrijfsmodel met betrekking tot klimaatverandering. De beschrijving omvat

  • a) de reikwijdte van de veerkrachtanalyse,

  • b) informatie over hoe en wanneer de veerkrachtanalyse is uitgevoerd, met inbegrip van het gebruik van de analyse van klimaatscenario's waarnaar wordt verwezen in de informatieverplichting in verband met de onderstaande ESRS 2 IRO-1 en de bijbehorende toepassingsvereisten, en

  • c) de resultaten van de veerkrachtanalyse, met inbegrip van de resultaten van de scenarioanalyses.

Let hierbij ook op de toepassingsvereisten uit ESRS E1.SBM-3

20. De onderneming moet de procedure voor het vaststellen en beoordelen van de klimaatgerelateerde effecten, risico's en kansen beschrijven. Deze beschrijving omvat haar procedures met betrekking tot

  • a) de effecten op de klimaatverandering, in het bijzonder de broeikasgasemissies van de onderneming (overeenkomstig de rapportageverplichting ESRS E1-6),

  • b) klimaatgerelateerde fysieke risico's in de eigen bedrijfsvoering en binnen de voor- en achterliggende waardeketen, met name:

    • i. de identificatie van klimaatgerelateerde gevaren, waarbij ten minste rekening moet worden gehouden met de klimaatscenario's met hoge emissies, en

    • ii. een beoordeling van de mate waarin de activa en bedrijfsactiviteiten van de onderneming kwetsbaar kunnen zijn voor deze klimaatgerelateerde gevaren met betrekking tot het ontstaan van fysieke bruto-risico's,

  • c) klimaatgerelateerde overgangsrisico's en kansen in de eigen bedrijfsvoering en binnen de voor- en achterliggende waardeketen, met name:

    • i. de identificatie van klimaatgerelateerde transitiegebeurtenissen, waarbij ten minste één klimaatscenario moet worden gebruikt dat rekening houdt met het beperken van de opwarming van de aarde tot 1,5 °C zonder of met een beperkte overschrijding, en

    • ii. een beoordeling van de mate waarin de activa en bedrijfsactiviteiten van de onderneming kunnen worden blootgesteld aan deze klimaatgerelateerde overgangsgebeurtenissen wat betreft het ontstaan van bruto overgangsrisico's of -kansen.

21. Bij het verstrekken van de in lid 20, onder b) en c), vereiste informatie legt de onderneming uit hoe zij de klimaatgerelateerde scenarioanalyse, met inbegrip van een reeks klimaatscenario's, heeft gebruikt voor het identificeren en beoordelen van fysieke risico's en transitierisico's en -kansen op korte, middellange en lange termijn.


Toepassingsvereisten (AR)

AR 9. Bij het verstrekken van de informatie over de procedures voor het identificeren en beoordelen van de klimaateffecten overeenkomstig lid 20, onder a), legt de onderneming uit hoe zij

  • a) zijn activiteiten en plannen heeft geëvalueerd om feitelijke en potentiële toekomstige bronnen van broeikasgasemissies en, indien van toepassing, oorzaken van andere klimaatgerelateerde effecten (bijvoorbeeld emissies van roet of troposferisch ozon of veranderingen in landgebruik) in het kader van zijn eigen activiteiten en langs de waardeketen te identificeren, en

  • b) zijn feitelijke en potentiële effecten op de klimaatverandering (d.w.z. zijn totale broeikasgasemissies) heeft beoordeeld.

AR 10. De onderneming kan de informatie vermeld in paragraaf 20, onder a), en sectie AR 9 koppelen aan de informatie die wordt verstrekt in het kader van de volgende rapportageverplichtingen: paragraaf 16, onder d), van rapportageverplichting E1-1 over gebonden broeikasgasemissies, rapportageverplichting E1-4 en rapportageverplichting E1-6.

AR 11. Bij het verstrekken van informatie over de procedures voor het identificeren en beoordelen van fysieke risico's overeenkomstig paragraaf 20, onder b), legt de onderneming uit of en hoe

  • a) het bedrijf kort-, middellang- en langetermijnklimaatrisico's heeft geïdentificeerd en heeft onderzocht of zijn activa en bedrijfsactiviteiten aan deze risico's kunnen worden blootgesteld,

  • b) het kort-, middellang- en langetermijnhorizonts heeft gedefinieerd en heeft uiteengezet hoe deze definities verband houden met de verwachte levensduur van zijn activa, zijn strategische planningshorizonts en kapitaalallocatieplannen,

  • c) het, rekening houdend met de waarschijnlijkheid, omvang en duur van de risico's, alsook met de geografische coördinaten (zoals de gemeenschappelijke classificatie van territoriale eenheden voor de statistiek – NUTS voor het grondgebied van de EU) en de respectieve locatie van de onderneming en haar toeleveringsketens, heeft beoordeeld in hoeverre haar activa en bedrijfsactiviteiten kwetsbaar kunnen zijn voor de geïdentificeerde klimaatrisico's, en

  • d) de identificatie van klimaatrisico's en de beoordeling van de blootstelling en kwetsbaarheid zijn gebaseerd op klimaatscenario's met hoge emissies, bijvoorbeeld op basis van SSP5-8.5 van het IPCC, relevante regionale klimaatprognoses die zijn gebaseerd op deze emissiescenario's of klimaatscenario's van het NGFS (Network for Greening the Financial System) met een hoog fysiek risico, zoals de scenario's "Hot house world" of "Too little, too late". Zie de paragrafen 18 en 19 en de secties AR 13 tot en met AR 15 voor de algemene vereisten voor klimaatgerelateerde scenarioanalyse.

AR 13. Bij het verstrekken van de informatie die vereist is volgens de paragrafen 19, 20 en 21 en de secties AR 10 en AR 11, legt de onderneming uit hoe zij een op haar omstandigheden afgestemde klimaatgerelateerde scenarioanalyse heeft gebruikt voor het identificeren en beoordelen van fysieke risico's, transitierisico's en kansen op korte, middellange en lange termijn, met inbegrip van:

  • a) welke scenario's zijn gebruikt, de bronnen daarvan en de afstemming daarvan op de huidige stand van de wetenschap,

  • b) de gebruikte beschrijvingen, tijdshorizonten en eindpunten, en een bespreking van de redenen waarom de onderneming van mening is dat de reeks gebruikte scenario's de plausibele risico's en onzekerheden dekt,

  • c) de belangrijkste drijvende krachten die in elk scenario in aanmerking worden genomen en waarom deze relevant zijn voor de onderneming, bijvoorbeeld politieke aannames, macro-economische trends, energieverbruik en energiemix, en technologische aannames, en

  • d) belangrijke gegevensinvoer en beperkingen van de scenario's, met inbegrip van hun gedetailleerdheid (bijvoorbeeld of de analyse van fysieke klimaatgerelateerde risico's is gebaseerd op locatiespecifieke geografische coördinaten of op meer algemene nationale of regionale gegevens).

AR 14. Bij het uitvoeren van de scenarioanalyse kan de onderneming rekening houden met de volgende richtsnoeren: het technische bijvoegsel van de TCFD getiteld "The Use of Scenario Analysis in Disclosure of Climate-related Risks and Opportunities" (2017), de TCFD-richtlijnen getiteld "Guidance on Scenario Analysis for Non-Financial Companies" (Richtlijnen voor scenarioanalyse voor niet-financiële ondernemingen) (2020), ISO 14091:2021 "Aanpassing aan klimaatverandering – kwetsbaarheid, effecten en risicobeoordeling", andere erkende industrienormen zoals het NGFS (Network for Greening the Financial System) en EU-brede, nationale, regionale en lokale voorschriften.

AR 15. De onderneming legt kort uit in hoeverre de gebruikte klimaatscenario's verenigbaar zijn met de kritieke klimaatgerelateerde aannames in de jaarrekening.

Dit artikel is machinaal vertaald. Bij fouten kunt u contact opnemen met [email protected].

Was dit een antwoord op uw vraag?