ESRS-norm
ESRS-norm
De term "beleid" is synoniem met de term "concept", die wordt gebruikt in de Duitse versie van de ESRS-norm.
64. De onderneming moet het volgende vermelden:
a) de verwachte financiële gevolgen van belangrijke fysieke risico's
b) de verwachte financiële effecten als gevolg van overgangsrisico's, en c) het potentieel om te profiteren van belangrijke klimaatgerelateerde kansen.
65. De overeenkomstig paragraaf 64 vereiste informatie vormt een aanvulling op de informatie over de huidige financiële effecten die overeenkomstig ESRS 2 SBM-3, paragraaf 48, onder d), moet worden verstrekt. Het doel van deze informatieverplichting is
a) met betrekking tot de verwachte financiële effecten als gevolg van materiële fysieke risico's en transitierisico's inzicht te verschaffen in de wijze waarop deze risico's op korte, middellange en lange termijn een wezenlijke invloed hebben (of waarschijnlijk zullen hebben) op de financiële positie, de winstgevendheid en de kasstromen van de onderneming. De resultaten van de scenarioanalyse die worden gebruikt voor het uitvoeren van de veerkrachtanalyse overeenkomstig de paragrafen AR 10 tot en met AR 13, moeten worden meegenomen in de beoordeling van de verwachte financiële effecten van materiële fysieke risico's en transitierisico's,
b) met betrekking tot het potentieel om belangrijke klimaatgerelateerde kansen te benutten, inzicht verschaffen in de wijze waarop de onderneming financieel kan profiteren van belangrijke klimaatgerelateerde kansen. Deze informatie vormt een aanvulling op de belangrijkste prestatie-indicatoren die moeten worden vermeld overeenkomstig Gedelegeerde Verordening (EU) 2021/2178 van de Commissie.
66. De informatie over de verwachte financiële effecten van materiële fysieke risico's overeenkomstig punt 64, onder a), omvat het volgende:
a) het geldbedrag en het aandeel (percentage) van de activa met een aanzienlijk fysiek risico op korte, middellange en lange termijn, voordat maatregelen voor aanpassing aan klimaatverandering in aanmerking worden genomen; de geldbedragen van deze activa moeten worden uitgesplitst naar acuut en chronisch fysiek risico,
b) het percentage activa met een aanzienlijk fysiek risico waarop de maatregelen voor aanpassing aan klimaatverandering betrekking hebben,
c) de locatie waar aanzienlijke activa met een aanzienlijk fysiek risico zich bevinden, en
d) het geldbedrag en het aandeel (percentage) van de netto-omzet uit zijn bedrijfsactiviteiten met een aanzienlijk fysiek risico op korte, middellange en lange termijn.
67. De vermelding van de verwachte financiële effecten als gevolg van wezenlijke overgangsrisico's overeenkomstig lid 64, onder b), omvat het volgende:
a) het geldbedrag en het aandeel (percentage) van de activa met een aanzienlijk overgangsrisico op korte, middellange en lange termijn, voordat klimaatmaatregelen in aanmerking worden genomen,
b) het percentage activa met een aanzienlijk overgangsrisico waarop de klimaatmaatregelen betrekking hebben,
c) een uitsplitsing van de boekwaarde van de onroerende goederen van de onderneming naar energie-efficiëntieklassen,
d) verplichtingen die mogelijk op korte, middellange en lange termijn in de jaarrekening moeten worden opgenomen, en
e) het geldbedrag en het percentage van de netto-omzet uit haar bedrijfsactiviteiten met een aanzienlijk overgangsrisico op korte, middellange en lange termijn, inclusief, indien van toepassing, de netto-omzet van klanten van de onderneming die actief zijn in de kolen-, olie- en gassector.
68. De onderneming maakt de afstemming van de volgende bedragen met de overeenkomstige posten of toelichtingen in de jaarrekening bekend:
a) aanzienlijke bedragen van de activa en netto-omzet met een aanzienlijk fysiek risico (overeenkomstig paragraaf 66),
b) aanzienlijke bedragen aan activa, schulden en netto-omzet met een aanzienlijk overgangsrisico (overeenkomstig paragraaf 67).
69. Bij het vermelden van het potentieel om klimaatgerelateerde kansen te benutten overeenkomstig paragraaf 64, onder c), houdt de onderneming rekening met het volgende:
(52)
a) de verwachte kostenbesparingen door maatregelen voor klimaatbescherming en aanpassing aan klimaatverandering, en
b) de potentiële marktomvang of verwachte veranderingen in de netto-omzet uit koolstofarme producten en diensten of aanpassingsoplossingen waartoe de onderneming toegang heeft of zou kunnen hebben.
70. Een kwantificering van de financiële effecten die voortvloeien uit kansen is niet vereist indien een dergelijke informatie niet voldoet aan de kwalitatieve kenmerken van nuttige informatie overeenkomstig bijlage B Kwalitatieve kenmerken van informatie van het ESRS 1.
Toepassingsvereisten (AR)
Toepassingsvereisten (AR)
Verwachte financiële effecten van materiële fysieke risico's en transitierisico's
AR 67. Wezenlijke klimaatgerelateerde fysieke risico's en transitierisico's kunnen van invloed zijn op de financiële positie van de onderneming (bijvoorbeeld eigen activa, financieel gecontroleerde geleasde activa en verplichtingen), de waardeontwikkeling (bijvoorbeeld potentiële toekomstige stijgingen/dalingen van de netto-omzet en -kosten als gevolg van bedrijfsonderbrekingen of hogere leveringsprijzen, die mogelijk kunnen leiden tot een ineenstorting van de winstmarges) en de kasstromen van de onderneming beïnvloeden. Vanwege de lage waarschijnlijkheid, de hoge ernst en de lange termijn van sommige klimaatgerelateerde fysieke risico's en de onzekerheid die voortvloeit uit de transitie naar een duurzame economie, zullen er aanzienlijke verwachte financiële effecten zijn die niet onder de vereisten van de toepasselijke verslaggevingsstandaarden vallen.
AR 68. Er bestaat momenteel geen algemeen aanvaarde methode om te beoordelen of te meten hoe significante fysieke risico's en overgangsrisico's in de toekomst de financiële positie, de winstgevendheid en de kasstromen van de onderneming kunnen beïnvloeden. Daarom moet de onderneming bij het rapporteren van de financiële effecten (overeenkomstig de paragrafen 64, 66 en 67) gebruikmaken van interne methoden en in aanzienlijke mate zelf beoordelen welke gegevens en aannames nodig zijn om de verwachte financiële effecten te kwantificeren.
Richtlijnen voor de berekening – Verwachte financiële effecten van wezenlijke fysieke risico's
AR 69. Bij het verstrekken van de in alinea 64, onder a), en alinea 66 vereiste informatie, legt de onderneming uit of en hoe:
a) zij de verwachte financiële effecten heeft beoordeeld op activa en bedrijfsactiviteiten die een wezenlijk fysiek risico inhouden, met inbegrip van het toepassingsgebied, de tijdshorizonten, de berekeningsmethode, de kritische veronderstellingen en parameters, en de grenzen van de beoordeling, en
b) de beoordeling van activa en bedrijfsactiviteiten waarvan wordt aangenomen dat ze een aanzienlijk fysiek risico inhouden, gebaseerd is op of deel uitmaakt van de procedure voor het bepalen van het aanzienlijke fysieke risico overeenkomstig paragraaf 20, onder b), en sectie AR 11, en voor het vaststellen van klimaatscenario's overeenkomstig paragraaf 19 en de secties AR 13 en AR 14. De onderneming legt met name uit hoe zij korte-, middellange- en langetermijntijdhorizonnen heeft gedefinieerd en hoe deze definities verband houden met de verwachte levensduur van haar activa, haar strategische planningshorizonnen en haar plannen voor kapitaalallocatie.
AR 70. Bij het samenstellen van de in paragraaf 66, onder a), vereiste informatie over materiële fysieke risico's voor activa, gaat de onderneming als volgt te werk:
a) Het berekent de activa die aan een wezenlijk fysiek risico zijn blootgesteld als een geldbedrag en als een percentage van de totale activa op de verslagdatum (d.w.z. het percentage is een schatting van de boekwaarde van activa met een wezenlijk fysiek risico gedeeld door de totale boekwaarde zoals vermeld in de balans). De schatting van de activa die aan een wezenlijk fysiek risico zijn blootgesteld, wordt bepaald op basis van de in de jaarrekening opgenomen activa. De schatting van de geldbedragen en het aandeel van de activa met een fysiek risico kan worden weergegeven in de vorm van een enkel bedrag of een marge.
b) Bij het bepalen van de activa met een aanzienlijk fysiek risico houdt het rekening met alle soorten activa, ook in verband met financiële leasing en gebruiksrechten.
c) Om deze informatie te classificeren:
i. geeft de onderneming de locatie aan waar zich aanzienlijke activa met een aanzienlijk fysiek risico bevinden. Aanzienlijke activa die zich op het grondgebied van de EU bevinden (59), worden ingedeeld volgens NUTS 3-codes (gemeenschappelijke classificatie van territoriale eenheden voor de statistiek). Voor belangrijke activa die zich buiten de EU bevinden, wordt de uitsplitsing volgens NUTS-codes alleen toegepast indien dit mogelijk is.
ii. de onderneming de geldbedragen van de risicovolle activa uitsplitst naar acuut en chronisch fysiek risico. (60)
d) Het berekent het aandeel van de activa met een aanzienlijk fysiek risico dat voortvloeit uit paragraaf 66, onder a), en dat wordt gedekt door de maatregelen voor aanpassing aan de klimaatverandering op basis van de informatie die in het kader van de informatieverplichting E1-3 wordt verstrekt. Dit heeft tot doel de nettorisico's dichter bij elkaar te brengen.
AR 71. Bij het samenstellen van de informatie die vereist is volgens paragraaf 64, onder a), en paragraaf 66, onder d), kan de onderneming het aandeel van de netto-omzet uit bedrijfsactiviteiten met fysiek risico beoordelen en vermelden. Deze informatie:
a) is gebaseerd op de netto-omzet in overeenstemming met de vereisten van de voor de jaarrekening geldende verslaggevingsstandaarden, d.w.z. IFRS 15 of lokale verslaggevingsvereisten,
b) kan een uitsplitsing bevatten van de bedrijfsactiviteiten van de onderneming met relevante details over het respectieve percentage van de totale netto-omzet, de risicofactoren (gevaren, blootstelling en kwetsbaarheid) en, indien mogelijk, de omvang van de verwachte financiële effecten met betrekking tot de daling van de winstmarges op korte, middellange en lange termijn. De soorten bedrijfsactiviteiten kunnen ook worden uitgesplitst naar bedrijfssegmenten, indien de onderneming de bijdrage van de winstmarges per bedrijfssegment heeft vermeld in haar segmentrapportage in het kader van de jaarrekening.
Richtlijnen voor de berekening – Verwachte financiële effecten van belangrijke overgangsrisico's
AR 72. Bij het verstrekken van de in alinea 64, onder b), en alinea 67, onder a), vereiste informatie legt de onderneming uit of en hoe
a) zij de potentiële effecten op de toekomstige winstgevendheid en financiële positie heeft beoordeeld voor activa en bedrijfsactiviteiten waarvoor een wezenlijk overgangsrisico bestaat, met inbegrip van het toepassingsgebied, de berekeningsmethode, de kritische veronderstellingen en parameters, en de beperkingen van de beoordeling, en
b) de beoordeling van activa en bedrijfsactiviteiten waarvan wordt aangenomen dat zij een aanzienlijk overgangsrisico inhouden, is gebaseerd op of deel uitmaakt van de procedure voor het identificeren van de aanzienlijke overgangsrisico's overeenkomstig paragraaf 20, onder c), en sectie AR 12 en voor het vaststellen van scenario's overeenkomstig de secties AR 12 tot en met AR 15. De onderneming legt met name uit hoe zij korte-, middellange- en langetermijnhorizonnen heeft gedefinieerd en hoe deze definities verband houden met de verwachte levensduur van haar activa, haar strategische planningshorizonnen en haar plannen voor kapitaalallocatie.
AR 73. Bij het verstrekken van de in paragraaf 67, letters a en b, vereiste informatie over materiële overgangsrisico's voor activa, gaat de onderneming als volgt te werk:
a) Het moet ten minste een schatting bevatten van de hoeveelheid potentieel verloren activa (in geldbedragen en als percentage) vanaf het verslagjaar tot 2030 en van 2030 tot 2050. Onder verloren activa worden verstaan de belangrijkste actieve of vastgelegde activa van de onderneming die tijdens hun gebruiksduur aanzienlijke hoeveelheden gebonden broeikasgasemissies veroorzaken. Vast gepland zijn de belangrijkste activa die de onderneming in de komende vijf jaar hoogstwaarschijnlijk zal gebruiken. Het bedrag kan worden uitgedrukt als een bandbreedte van activa op basis van verschillende klimaat- en beleidsscenario's, waaronder een scenario dat gericht is op de doelstelling om de opwarming van de aarde tot 1,5 °C te beperken.
b) De onderneming geeft een uitsplitsing van de boekwaarde van haar onroerend goed, met inbegrip van gebruiksrechten, naar energie-efficiëntieklassen. De energie-efficiëntie wordt weergegeven in termen van energieverbruik in kWh/m² of de labelklasse van het energieprestatiecertificaat. Indien het bedrijf ondanks alle inspanningen niet in staat is deze informatie te verkrijgen, vermeldt het de totale boekwaarde van de onroerende goederen waarvoor het energieverbruik is gebaseerd op interne schattingen.
AR 74. Bij het verstrekken van de in paragraaf 67, onder d), vereiste informatie over potentiële verplichtingen uit hoofde van belangrijke overgangsrisico's kunnen ondernemingen die installaties exploiteren die onder een emissiehandelssysteem vallen, een reeks potentiële toekomstige verplichtingen uit hoofde van deze systemen opnemen.
a) kunnen ondernemingen die installaties exploiteren die onder een emissiehandelssysteem vallen, een reeks potentiële toekomstige verplichtingen uit hoofde van deze systemen opnemen.
b) kunnen ondernemingen die onder het EU-ETS vallen, de potentiële toekomstige verplichtingen vermelden in verband met hun toewijzingsplannen voor de periode tot en met 2030. De raming van de potentiële verplichtingen kan gebaseerd zijn op:
i. het aantal certificaten waarover de onderneming aan het begin van de verslagperiode beschikt,
ii. het aantal certificaten dat jaarlijks, d.w.z. vóór en tot 2030, op de markt moet worden aangekocht,
iii. het verschil tussen de geraamde toekomstige emissies in verschillende overgangsscenario's en de gratis toewijzing van certificaten die bekend zijn voor de periode tot 2030, en
iv. de geschatte jaarlijkse kosten per ton CO2 waarvoor een certificaat moet worden aangekocht.
c) kan de onderneming bij de beoordeling van haar potentiële toekomstige verplichtingen rekening houden met en vermelden het aantal broeikasgascertificaten van scope 1 binnen gereguleerde emissiehandelssystemen en het cumulatieve aantal opgeslagen emissierechten (uit eerdere certificaten) aan het begin van de verslagperiode.
d) kunnen ondernemingen die de hoeveelheden CO2-certificaten vermelden die in de nabije toekomst zullen worden verwijderd (rapportageverplichting E1-7), de potentiële toekomstige verplichtingen vermelden die verband houden met de verplichtingen op basis van bestaande contractuele overeenkomsten.
e) kan de onderneming ook haar gemonetariseerde scope 1- en scope 2-emissies en haar totale broeikasgasemissies (in valuta-eenheden) meenemen, die als volgt worden berekend:
i. gemonetariseerde scope 1- en scope 2-broeikasgasemissies in het verslagjaar aan de hand van de volgende formule:
ii. gemonetariseerde totale broeikasgasemissies in het verslagjaar volgens de volgende formule:
iii. met behulp van een laag, gemiddeld en hoog kostentarief (63) voor broeikasgasemissies (bijv. CO2-marktprijs en verschillende schattingen van de maatschappelijke kosten van koolstof), waarbij de keuze moet worden gemotiveerd.
AR 75. Er kunnen andere benaderingen en methoden worden gebruikt om te beoordelen hoe transitierisico's de toekomstige financiële positie van de onderneming kunnen beïnvloeden. In elk geval moeten de informatie over de verwachte financiële effecten een beschrijving bevatten van de door de onderneming gebruikte methoden en definities.
AR 76. Bij het samenstellen van de in paragraaf 67, onder e), vereiste informatie kan de onderneming het aandeel van de netto-omzet uit bedrijfsactiviteiten met transitierisico's beoordelen en vermelden. Deze informatie
a) is gebaseerd op de netto-omzet in overeenstemming met de voor de jaarrekening geldende verslaggevingsstandaarden, d.w.z. IFRS 15 of lokale verslaggevingsvereisten,
b) kan een uitsplitsing van de bedrijfsactiviteiten van de onderneming bevatten met relevante details over het respectieve percentage van de huidige netto-omzet, de risicofactoren (gebeurtenissen en blootstelling) en, indien mogelijk, de verwachte financiële effecten op korte, middellange en lange termijn met betrekking tot de daling van de winstmarges. De soorten bedrijfsactiviteiten kunnen ook worden uitgesplitst naar bedrijfssegmenten, indien de onderneming de bijdrage van de winstmarges per bedrijfssegment heeft vermeld in haar segmentrapportage in het kader van de jaarrekening.
Koppeling met informatie over financiële verslaglegging
AR 77. De afstemming tussen het materiële bedrag van de activa, verplichtingen en netto-omzet (die onderhevig zijn aan materiële fysieke risico's of overgangsrisico's) en de overeenkomstige post of vermelding (bijvoorbeeld bij de segmentrapportage) in de jaarrekening (overeenkomstig alinea 68) kan door de onderneming als volgt worden weergegeven:
a) door een verwijzing naar de overeenkomstige post of vermelding in de jaarrekening, indien deze bedragen in de jaarrekening te vinden zijn, of
b) indien geen directe verwijzing kan worden gemaakt, door een kwantitatieve afstemming met elke post of vermelding in de jaarrekening, waarbij gebruik wordt gemaakt van een tabel voor de volgende punten:
boekwaarde van de activa of verplichtingen of netto-omzet die gevoelig zijn voor materiële fysieke risico's of overgangsrisico's
Compensatieposten
Activa of passiva of netto-omzet in de jaarrekening
AR 78. De onderneming zorgt ervoor dat de gegevens en aannames voor de beoordeling en rapportage van de verwachte financiële effecten van materiële fysieke risico's en transitierisico's in de duurzaamheidsverklaring consistent zijn met de overeenkomstige gegevens en aannames die voor de jaarrekening worden gebruikt (bijvoorbeeld CO2-prijzen voor de beoordeling van de bijzondere waardevermindering van activa, de gebruiksduur van activa, schattingen en voorzieningen). De onderneming legt de redenen voor eventuele afwijkingen uit (bijvoorbeeld wanneer de totale financiële effecten van klimaatgerelateerde risico's nog moeten worden beoordeeld of in de jaarrekening niet als materieel werden beschouwd).
AR 79. Voor mogelijke toekomstige effecten op verplichtingen (overeenkomstig paragraaf 67, onder d)) neemt de onderneming, indien van toepassing, een verwijzing op naar de beschrijving van de emissiehandelssystemen in de jaarrekening.
Klimaatgerelateerde kansen
AR 80. Bij het verstrekken van de informatie overeenkomstig paragraaf 69, onder a), licht de onderneming de aard van de kostenbesparingen (bijvoorbeeld als gevolg van een lager energieverbruik), de tijdshorizonten en de toegepaste methode toe, met inbegrip van de reikwijdte van de beoordeling, de kritische aannames en beperkingen, en of en hoe scenarioanalyse is toegepast.
AR 81. Bij het verstrekken van de informatie vereist in lid 69, onder b), licht de onderneming toe hoe zij de marktomvang of de verwachte veranderingen in de netto-omzet uit koolstofarme producten en diensten of aanpassingsoplossingen heeft beoordeeld, met inbegrip van de reikwijdte van de beoordeling, de tijdshorizon, kritische aannames en beperkingen, en in hoeverre de markt voor de onderneming toegankelijk is. De informatie over de omvang van de markt kan worden bekeken in samenhang met de huidige taxonomieconforme omzet die wordt vermeld overeenkomstig de bepalingen van Verordening (EU) 2020/852. De onderneming kan ook toelichten hoe zij van plan is haar klimaatgerelateerde kansen te benutten; dit moet, voor zover mogelijk, worden gekoppeld aan de informatie over de concepten, doelstellingen en maatregelen in het kader van de informatieverplichtingen E1-2, E1-3 en E1-4.
Voorbeelden uit de praktijk
Voorbeelden uit de praktijk
Voorbeelden dienen alleen als indicatie van hoe een rapportageverplichting tot nu toe door andere ondernemingen is gerapporteerd. Gecontroleerde ESRS-rapporten zijn nog niet beschikbaar. Er is geen garantie voor juistheid en volledigheid.
E1-9 – Verwachte financiële effecten van belangrijke fysieke risico's en transitierisico's, evenals potentiële klimaatgerelateerde kansen
In de Sustainability Reporting Guide van PwC wordt een fictief voorbeeld gegeven dat kan dienen als ondersteuning bij het invullen van het gegevenspunt.
Voorbeeld
Violet Company Ltd (Violet Co), een onderneming met een boekjaar dat samenvalt met het kalenderjaar, is actief in een gebied met een hoog overstromingsrisico en wordt blootgesteld aan het risico van overstromingen. Over een periode van drie jaar pakt Violet Co de gevolgen van het overstromingsrisico als volgt aan:
In 20X1 heeft Violet Co nog geen geschikte oplossing gevonden om het risico te beperken. Er doet zich geen grote overstroming voor.
In 20X2 investeert Violet Co in een waterkering en betaalt een voorschot van € 1 miljoen. Violet Co verwacht in de eerste drie maanden van 20X3, voordat de waterkering voltooid is, geen significante financiële gevolgen van overstromingen.
In 20X3 begint de bouw en betaalt Violet Co een laatste termijn van € 2 miljoen. De voltooiing van de muur wordt verwacht in maart 20X3.
Door de bouw van de waterkering verwacht Violet Co de potentiële overstromingskosten op korte, middellange en lange termijn volledig te verminderen. Zonder de dam heeft Violet Co geschat dat de verwachte financiële schade op korte termijn ongeveer € 4 miljoen, op middellange termijn € 5 miljoen en op lange termijn € 10 miljoen zou bedragen.
Vraag:
Hoe moet Violet Co bij de openbaarmaking van de huidige en verwachte financiële gevolgen in de jaren 20X1, 20X2 en 20X3 rekening houden met het overstromingsrisico en de genomen en geplande maatregelen (voor dit voorbeeld wordt aangenomen dat alle bedragen materieel zijn)?
Analyse:
In 20X1 zou Violet Co, vóór enige geplande risicobeperking, rekening houden met en openbaar maken wat de verwachte financiële gevolgen van overstromingen op korte, middellange en lange termijn zouden zijn.
In 20X2 is er een plan en heeft Violet Co uitgaven gedaan in verband met de bouw van de muur. Violet Co zou het volgende openbaar maken:
De huidige financiële gevolgen van de maatregelen die tijdens de periode zijn genomen (d.w.z. de vooruitbetaling van € 1 miljoen).
De verwachte financiële gevolgen, inclusief de kosten van toekomstige maatregelen om het overstromingsrisico aan te pakken (d.w.z. de verwachte eindbetaling van 2 miljoen euro). Aangezien de eindbetaling in 20X3 verschuldigd is, zou Violet Co de 2 miljoen euro als een verwachte financiële consequentie op korte termijn rapporteren.
Bovendien zou Violet Co het risico van toekomstige overstromingen en de verzachtende effecten van de genomen risicobeperkende maatregelen bekendmaken (d.w.z. het toekomstige schaderisico van 4 miljoen euro op korte termijn, 5 miljoen euro op middellange termijn en 10 miljoen euro op lange termijn, evenals de schade die door de beschermingsmuur wordt voorkomen).
In 20X3, wanneer de muur volledig is gebouwd, zou Violet Co de huidige financiële gevolgen van de laatste betaling van 2 miljoen euro bekendmaken. Het zou echter kunnen vaststellen dat er geen significant risico meer bestaat op overstromingsschade en dat het daarom wellicht niet langer nodig is om dit risico in de openbaarmakingen te vermelden. Bij deze vaststelling zou Violet Co waarschijnlijk rekening moeten houden met het risico dat de muur mogelijk geen volledige bescherming biedt tegen overstromingsschade.
Bron: Sustainability reporting guide, PWC, augustus 2024, blz. 6-23 e.v.
